De moeilijkste puzzels (deel twee)

De moeilijkste puzzels (deel twee)

We laten ons als mensen graag intrigeren door het mysterieuze. Bijvoorbeeld als het om bijzondere verhalen gaat. In ons eerste deel over de moeilijkste puzzels was er voldoende aandacht voor het Voynichmanuscript. In dit tweede deel gaan we nog even door op de moeilijkste puzzels. Ditmaal over bijzondere schatten.

Santa Fé

In waarschijnlijk een dure auto reed de Amerikaanse miljardair Forrest Fenn de bergen rondom Santa Fé door, op zoek naar een goede plaats om zijn goudschat te verstoppen. De schat die hij jaren ervoor bij elkaar had gebracht toen hij hoorde dat hij kanker had.

Forrest Fenn was werkzaam voor de Amerikaanse luchtmacht en na het afzwaaien besloot hij iets heel anders te gaan doen. Samen met zijn vrouw maakte hij een fortuin met de aan- en (vooral) verkoop van kunst. In deze zaak kwam ooit eens een oude kist binnen, die hij besloot niet door te verkopen. Dit zou het belangrijkste onderdeel vormen van zijn moeilijkste puzzel, want hij zou op zeker gaan sterven aan kanker.
Echter, Fenn wist zijn ziekte te overkomen en het nieuws over de miljoenenschat was al overal bekend. Desondanks duurde het waarschijnlijk tot zijn 79ste of 80ste levensjaar voordat hij met zijn auto door de bergen rondom zijn woonplaats reed om de schat te verstoppen. Niet meer dan een aanwijzing heeft men gekregen van de excentrieke miljardair. Zelfs over de hoogte van het bedrag deed de Amerikaan erg vaag.

In een gedicht gaf Fenn meer aanwijzingen voor de vindplaats van deze schat. De schat die overigens tijdens zijn ziekte gewoon in huis bleef staan, tot een geschikt moment gevonden was om dit te doen. Zelf hield Fenn er rekening mee dat dit in het eindstadium van zijn ziekte zou gebeuren. Tot op zekere dag, toen hij het zat was en besloot, genezen verklaard, om de schat alsnog te verstoppen.

Mensen zijn aangetrokken tot schatten. Schatten zijn daarmee de moeilijkste puzzels. Ze moeten opgelost worden, om zo de schat te bemachtigen. In het geval van de schat van Fenn zijn tot nu toe vier personen vermist geraakt en een kwam zelfs te overlijden.

De moeilijkste puzzels (deel twee)

Oak Island

Bijzonder is het verhaal van Fenn zeker. Te bedenken dat het zoeken naar zijn schat slechts enkele jaren aan de gang is. Dat is een ander verhaal als het gaat om de vermeende schat van Oak Island. Dit zou een perfecte Hollywood film kunnen zijn. Echter, dat is het niet, want volgens sommige is dit de reinste realiteit. Al meer dan honderd jaar wordt gezocht naar een schat die nooit is gevonden.

Dit eilandje voor de kust van Nova Scotia (Canada) zou een bijzondere schat herbergen. Het nadeel is dat er niet met zekerheid vast staat wat voor schat het nou precies zou zijn. De een gaat uit van een piratenschat, de ander van een Vikingschat. Misschien waren het de Tempeliers wel, die hier de Heilige Graal zouden hebben verborgen. In ieder geval blijft deze moeilijke puzzel, dit mysterie, de nodige mensen flink bezighouden. Dit is al het geval sinds 1795, wanneer voor het eerst gesproken wordt over het eiland.
Het is niet zonder reden dat de put waarin de mogelijke schat verborgen zou liggen inmiddels de Money Pit wordt genoemd. Sinds 1795 hebben verschillende bedrijven hun geld weggegooid in deze vermeende dumpplaats van een schat. Opvallend genoeg zonder echt goed bewijs te hebben dat het hier niet gaat om een kwajongensstreek. Of is dit wel het geval?

Het begin

Deze mysterieuze puzzel begon ergens in 1795 met de vondst door Donald Daniel McGinnis op het eiland. Hier vond hij een boom, een eik, met een kale tak. Aan deze tak zou iets omhoog getakeld moeten zijn. Dit vermoeden werd versterkt door de aanwezigheid van een wat grote kuil. Volgens McGinnis moest de kuil, omdat hij vierkant was, wel door mensen gegraven zijn.

Met twee vrienden, John Smith en Anthony Vaughan, besloot hij te gaan graven. Tot zover lijkt het een spannend jongensboek te zijn. Echter, nadat de heren enkele meters hadden gegraven zouden ze op een laag platte stenen zijn gestuit, wat de theorie aannemelijk maakt dat er meer aan de hand moest zijn geweest.
Toen ze tussen de drie en negen meter diepte ook nog eens kleine boomstammetjes vonden en op tien meter het grondwaterpeil bereikt hadden, moesten ze hun meerdere erkennen in de put. De put had hiermee de eerste slachtoffers gemaakt. Je zou de zucht om een bepaald nieuwsgierig verlangen te stillen kunnen vergelijken met die van de goudkoorts. Toch bleef het lange tijd stil bij de Money Pit. Pas in 1803 besloot een bedrijf een expeditie naar het eiland te ondernemen om voor eens en altijd een einde te maken aan de kwajongensverhalen. The Onslow Company haalde enkele vondsten naar boven, waaronder houtskool, stopverf en kokosvezels. Vooral die laatste vondst deed vermoeden dat de schat, als die er al was, begraven zou moeten zijn door piraten.

Toen men op 90 voet ook nog eens een bijzondere steen vond, was het hek echt van de dam. Er moest toch echt wat te vinden zijn in de bodem. Op de steen stond geschreven Twenty feet below, two million pounds lie burried. Helaas lukte het niet om de resterende twintig voet uit te graven. De put liep vol met water.

De Onslow Company werd opgevolgd door de Truro Company, die op haar beurt opgevolgd werd door The Oak Island Association. We hebben het inmiddels over de negentiende eeuw en nog altijd was het niet gelukt om een schat te vinden. Sparrenhout was gevonden, samen met stukjes metaal en eikenhout. Genoeg materiaal om iedere keer maar een zoektocht te verlengen, ondanks de vele tegenslagen en de miljoenen die inmiddels in het hele project waren gepompt. Mocht er inderdaad een schat te vinden zijn, dan zouden de kosten van het vinden nauwelijks meer opwegen tegen de winst. En er werd geen winst gemaakt. Het ene na het andere bedrijf ging failliet en het terrein op en rond de vermeende vindplaats voor de schat werd er niet beter op.

Aan het begin van de twintigste eeuw had men inmiddels de dertig meter bereikt. Met allerlei kunst en vliegwerk wist men het grondwater grotendeels buiten te put te houden. Toen men de 52 meter bereikte vond men een bijzondere vondst: een stuk perkament, waarop met Oost-Indische inkt de letter V te zien was.

Oak Island
Zelfs voormalig president Franklin Delano Roosevelt bemoeide zich enige tijd met het eiland. Voordat hij de politiek in ging was hij partner van The Old Gold Salvage Group (1909). Zonder succes. Datzelfde gold voor de wilde plannen van na de oorlog om het eiland te privatiseren, want vandaag de dag nog steeds het geval is.

Hoewel de rechtmatigheid van het zich toekennen van het eiland wordt betwist is vanaf 2005 een deel van het eiland te koop. De vraag is echter wie er durft te investeren in deze Money Pit. Er zijn vandaag de dag immers veel rendabelere beleggingen te bedenken. Denk bijvoorbeeld eens aan kunst, wijn of natuurlijk bijzondere auto’s. Het is nog maar de vraag of iemand die het eiland wil kopen er overigens een lening voor zal krijgen.

Zolang wij als mensen blijven geloven in het oplossen van de moeilijkste puzzels, zal er altijd een mooi verhaal geschreven kunnen worden. Ditmaal over maar liefst twee puzzels, die tot op de dag van vandaag nog niet opgelost zijn.

Foto: leigh49137.